Hallo
Het voorbije weekend nam ik deel aan de Saint-Brieuc Agglo Tour. Een twéédaagse rittenwedstrijd in Bretagne.
De eerste rit was 137 km lang waarvan 105 km in lijn en nog 6 plaatselijke ronden van ongeveer 5 km. Het parcours was getrokken door alle deelgemeentes van Saint-Brieuc, in het begin was het nog vrij vlak, maar naar het einde toe werd het steeds lastiger om te eindigen met de plaatselijke ronden die bestonden uit een afdaling van 3 km en een klim van 2 km. Verder stond er nog een vrij strakke wind, alles was aanwezig voor een lastige wedstrijd!
Van bij de start werd er zeer snel gereden, dit zorgde er voor dat niemand echt kon wegrijden. Zelf probeerde ik ook meermaals weg te rijden, maar zonder succes. Aan km 55 reden dan toch 10 renners weg, maar al snel werd in het peloton door twee ploegen een hevige achtervolging ingezet. Waardoor een hergroepering 20 km verder een feit was. Net voor de plaatselijke ronden volgden twee hellingen kort opéén, daar brak de wedstrijd helemaal open. Ik kwam hier vrij vlot door en ging dan ook met een koppeloton van zowat 50 renners de plaatselijke ronden in. Steeds meer renners kwamen in de problemen, na twee ronden ging ik mijn kans en reed ik met 3 anderen weg. Maar toen kende ik pech, mijn rechtershifter weigerde nog dienst te doen en zo kon ik niet meer schakelen. Hierdoor kon ik niet meer deftig verder rijden en zag ik iedereen voorbij rijden. Omdat de wedstrijd helemaal open lag en het door de smalle afdaling niet eenvoudig was om in te halen zaten de volgwagens ver achter. Uiteindelijk verloor ik twee minuten op de leiders alvorens ik kon veranderen van fiets. Ik zette de achtervolging tegen beter weten in en met de hulp van een ploegmaat en de volgwagen kon ik op twee ronden van het einde weer aansluiten bij het koppeloton. Op dat moment zat ik wel à bloc en trokken negen renners in de aanval. Toen ik vooraan kwam postvatten hadden de leiders al 40s voorsprong. Ik probeerde nog een tegenreactie op te zetten, maar het beste was er van af. Zo eindigde ik uiteindelijk in de eerste achtervolgende groep op de leiders. Zonder pech had er waarschijnlijk meer ingezeten, maar dat weet je natuurlijk nooit.
Op zondagmorgen moesten we aan de slag voor een tijdrit van om en bij de 9 km over een golvend parcours. Ik startte zonder veel ambitie, maar vond wel onmiddellijk een goed ritme. Vooral op het laatste zwaardere stuk had ik nog wat reserves om te versnellen en dit leverde me een 19e plaats op. In het klassement schoof ik hierdoor op naar een 13e plaats.
In de namiddag mochten we nog 10 ronden van net geen 10 km afhaspelen. Die ronde bestond uit 2 km vals plat, een afdaling van goed 3 km, 2 kilometer vlak en een klim van een kleine 3 km richting aankomst, zware kost dus. Ik hoopte dan ook me te kunnen tonen. Helaas verliep de wedstrijd niet echt in mijn voordeel. De ploeg van de leider bleek zéér sterk en hield alles op slot. Ik probeerde meermaals op de helling de wedstrijd open te breken, maar de wind stond op kop. Hierdoor was het moeilijk om de verschillen uit te diepen. In de voorlaatste ronde ging ik er vol tegenaan, dit zorgde voor een mooie schifting, maar toch gingen we nog met een compact peloton de slotronde in. Aan de voet van de laatste helling liet ik met wat wegdrummen en de inspanningen van de voorlaatste ronde zaten nog in de benen, hierdoor kwam ik niet meer in aanmerking kwam voor de zege. Ik eindigde uiteindelijk als laatste van de eerste groep als 30e, in het klassement bleef ik 13e.
Van vrijdag tot en met zondag staat met de Tour de la Seine-Maritime een nieuwe rittenwedstrijd op het programma. Hopelijk kan ik me nog eens tonen.
Klaas
dinsdag 30 augustus 2011
donderdag 25 augustus 2011
BK en GP des Marbriers
Hallo
Na Guadeloupe was het even stil. 10 dagen wedstrijd in tropische omstandigheden, geen enkele snipperdag, steeds geconcentreerd blijven voor het klassement, een lange reis en 6u tijdsverschil eisten toch wat tijd om helemaal te verteren.
De voorbije twee wedstrijden verliepen dan ook wat moeizamer, de concentratie was er niet helemaal en de parcoursen waren ook al helemaal mijn ding niet. Twee keer goed afzien met de bedoeling Guadeloupe eruit te 'zweten', dat was vooral de opdracht.
Het BK in Geel werd zoals zo vaak in België op een echte kermiskoersomloop verreden. Rondjes van 14,5 km met een kleine 30 bochten, enkele verkeersdrempels en wat paaltjes moesten voor het verschil zorgen. De start (in de halve regen) nam ik nog vooraan, maar na één ronde liet ik me wat wegdrummen. Ik vond de moed niet echt om nog op te schuiven, ik wou vooral niet vallen... Door het hoge tempo en de vele bochten was het constant op een lint koersen, als je achteraan rijdt weet je dat het soms lastig wordt, maar toch ging het vrij vlot. Alleen zat ik natuurlijk veel te ver toen de beslissing viel op goed 4 ronden van het einde. Daarna drong ik niet meer aan, en op één ronde van het einde stapte ik uit de wedstrijd.
De GP des Marbriers van afgelopen dinsdag zat een beetje in hetzelfde schuitje. Minder -maar nog veel- bochten dit keer, smalle boerenwegels, een strakke wind en enkele snedige klimmetjes zorgden dit keer voor een zware wedstrijd. Opnieuw koerste ik achteraan, opschuiven zonder risico's te nemen in een peloton van 160 renners was echt onmogelijk. Door het hoge tempo bleven we na halfkoers nog met goed 50 renners over in het peloton. Ik had al zowat 100 renners geremonteerd wat al veel krachten gekost had, maar voelde me nog vrij goed. Jammer genoeg brak ook deze groep in twee door de zijwind, ik zat te ver achteraan en misste hierdoor de aansluiting met de eerste groep. Ik probeerde er nog naar toe te rijden, maar dit bleek onmogelijk. Achtien renners streden voor de zege, ik reed nog weg met 6 andere renners. Op het einde deed ik nog een poging om 19e te worden, maar op 500m van het einde werd ik terug ingelopen en zo eindigde ik uiteindlijk als 24e, maar op één of andere manier sta ik niet in de uitslag.
Dit weekend ben ik aan de slag in Saint-Brieuc in de tweedaagse Cabri Agglo Tour. Zaterag staat een rit van 137 km op het programma, zondag voormiddag een korte tijdrit en in de namiddag nog een etappe van 90 km.
Een kleine twee weken na Guadeloupe hoop ik er opnieuw te staan.
Gr Klaas
Na Guadeloupe was het even stil. 10 dagen wedstrijd in tropische omstandigheden, geen enkele snipperdag, steeds geconcentreerd blijven voor het klassement, een lange reis en 6u tijdsverschil eisten toch wat tijd om helemaal te verteren.
De voorbije twee wedstrijden verliepen dan ook wat moeizamer, de concentratie was er niet helemaal en de parcoursen waren ook al helemaal mijn ding niet. Twee keer goed afzien met de bedoeling Guadeloupe eruit te 'zweten', dat was vooral de opdracht.
Het BK in Geel werd zoals zo vaak in België op een echte kermiskoersomloop verreden. Rondjes van 14,5 km met een kleine 30 bochten, enkele verkeersdrempels en wat paaltjes moesten voor het verschil zorgen. De start (in de halve regen) nam ik nog vooraan, maar na één ronde liet ik me wat wegdrummen. Ik vond de moed niet echt om nog op te schuiven, ik wou vooral niet vallen... Door het hoge tempo en de vele bochten was het constant op een lint koersen, als je achteraan rijdt weet je dat het soms lastig wordt, maar toch ging het vrij vlot. Alleen zat ik natuurlijk veel te ver toen de beslissing viel op goed 4 ronden van het einde. Daarna drong ik niet meer aan, en op één ronde van het einde stapte ik uit de wedstrijd.
De GP des Marbriers van afgelopen dinsdag zat een beetje in hetzelfde schuitje. Minder -maar nog veel- bochten dit keer, smalle boerenwegels, een strakke wind en enkele snedige klimmetjes zorgden dit keer voor een zware wedstrijd. Opnieuw koerste ik achteraan, opschuiven zonder risico's te nemen in een peloton van 160 renners was echt onmogelijk. Door het hoge tempo bleven we na halfkoers nog met goed 50 renners over in het peloton. Ik had al zowat 100 renners geremonteerd wat al veel krachten gekost had, maar voelde me nog vrij goed. Jammer genoeg brak ook deze groep in twee door de zijwind, ik zat te ver achteraan en misste hierdoor de aansluiting met de eerste groep. Ik probeerde er nog naar toe te rijden, maar dit bleek onmogelijk. Achtien renners streden voor de zege, ik reed nog weg met 6 andere renners. Op het einde deed ik nog een poging om 19e te worden, maar op 500m van het einde werd ik terug ingelopen en zo eindigde ik uiteindlijk als 24e, maar op één of andere manier sta ik niet in de uitslag.
Dit weekend ben ik aan de slag in Saint-Brieuc in de tweedaagse Cabri Agglo Tour. Zaterag staat een rit van 137 km op het programma, zondag voormiddag een korte tijdrit en in de namiddag nog een etappe van 90 km.
Een kleine twee weken na Guadeloupe hoop ik er opnieuw te staan.
Gr Klaas
donderdag 18 augustus 2011
Tour de la Guadeloupe
Hallo,
Aangezien de wedstrijd goed te volgen was , zijn de meesten ongetwijfeld op de hoogte over mijn prestaties op Guadeloupe. Hieronder volgt nog een verslag over deze onvergetelijke 10 daagse ervaring.
Na een reis van in totaal 19u kwam ik donderdag avond 18u45 (plaatselijke tijd -6u) aan in het sjieke hotel Créole Beach****. Onmiddellijk vertrokken we vandaar met de bus naar de hoofdstad Point-à-Pitre voor een (uitgebreide) ploegenpresentatie. Al onmdiddellijk werd duidelijk dat de organisatie meer dan in orde was. De presentatie verliep groots en werd opgeluisterd door enkele honderden mensen, veel naar onze normen, maar nog maar het begin... Terug in het hotel om 10u (4u onze tijd) ging het direct richting bed om toch enigzins een deftige proloog te rijden op vrijdagavond, ook al was die maar 4 km.
Die proloog van 4 km werd verreden op een 4 vaks weg, waarna we na 2 km op een breed rondpunt rechtsomkeer moesten maken. Ook nu was er weer een enorme massa komen opdagen, aan weerszijden van de weg stonden de mensen rijen dik. Ik stond blijkbaar al bij de favorieten genoteerd en kreeg een (grote) camera op het stuur gemonteerd. Die verhinderde me wat bij het optrekken, maar achteraf bleek dit nog niet zo slecht. Hierdoor ging ik traag van start, maar had ik nog veel reserves voor de laatste 2 km met wind op kop. Ik eindigde als 28e en dit zonder tijdrit materiaal in tegenstelling tot vele anderen onder wie de volledige top 20.
Zaterdag werd dan de eerste en meteen ook langste rit gereden (163 km) van Point-à-Pitre naar Saint-François. Van bij de start werd het al duidelijk dat het lastig zou worden, de vochtige hitte zorgde ervoor dat iedere effort tijdens de koers er één te veel was. In het begin van de wedstrijd hield ik me dan ook gedeisd, dit tot km 50, vanaf toen was het koers tot het eind... Een 20 tal renners waren weggereden en hadden 20s voorsprong, ik wist dat dit een zéér gevaarlijke ontsnapping was en zette daarom alleen de achtervolging in. Na 3 km vol gas te rijden kwam ik vooraan aansluiten. Deze inspanning moest ik wel een 10 tal kilometer bekopen want daarna was het even aanklampen. Vijf kilometer verder kwamen nog een 10 tal renners terug waarbij de Amerikaanse leider, vanaf toen werd duidelijk dat de winnaar vooraan zat. Er was echter absoluut geen samenwerking in de kopgroep en aangezien ik alleen was besloot ik maar mee te glippen met een aanval. Zo kwamen we na 75 km wedstrijd met 4 renners voorop. We liepen snel tot 1min30 uit op de achtervolgers. 20 km verder kwamen nog 3 renners terug, waardoor we met 7 op kop kwamen. Hoewel we niet goed samenwerkten, bleef de voorsprong constant rond de minuut schommelen op de achtervolgende groep waar de Amerikanen alleen het werk opknapten. Op 25 km van het einde leek ons liedje dan over toen de 30 achtervolgers tot 15s terug kwamen. Eén renner ging nog even door en ik sprong er naar toe, de rest werd ingelopen. Met zijn tweeën gingen we nu vol door en liepen terug uit tot 40s. Met nog 20 km te gaan voelde ik echter dat mijn compaan er door zat en vanaf dat moment besloot ik alleen door te gaan. Op de laatste strook bergop kon ik hem af schudden om de laatste 17km met de wind op kop alleen af te haspelen. Het begon op dat moment ook nog eens te gieten en dat maakte de 'duivel' in mij helemaal los. Ik verzwakte geen enkel moment. Eén renner probeerde nog alleen de achtervolging in te zetten, maar verloor enkel tijd en kwam op 1min15 binnen, het achtervolgende peloton liep binnen met 1min50 achterstand! De ronde was goed begonnen, ritwinst en géél! Na de aankomst was het nog niet gedaan, onmiddellijk werd ik afgeleid naar de pershoek waar ik door twee tv stations werd opgewacht, daarna moest ik nog enkele radio interviews doen alsook de geschreven pers te woord staan. Waarna nog een uitgebreide podium ceremonie volgde!
Op zondag stond de langste dag van de hele ronde te wachten. Bijna 200 km verdeeld over twee etappes. Met de gele trui om de schouders zou het niet gemakkelijk worden. De ploeg was niet bijster sterk en er restten nog meer dan 1000 km wedstrijd, onmogelijk om met 5 renners te controleren, zeker in Guadeloupe, waar iedereen constant aanvalt!
's Morgens gingen we van start voor een etappe van een kleine 100km. Deze was relatief vlak. De aanvallen volgden elkaar in sneltempo op en na 15 km kregen we een 20 tal renners aan het commando zonder grote kandidaten op eindwinst. Dit zag er dus goed uit. Jammer genoeg viel de wedstrijd niet stil en bleven de aanvallen komen. Ik zat even geïsoleerd in een groep van 30 achtervolgers en hiervan maakten mijn concurrenten gebruik. Op een moment dat ik wat ingesloten zat gingen ze met 4 voluit aan van achter mij. Ze sloegen onmiddellijk een gat. Ik keek wat naar de andere favorieten, ook zij wilden ten slotte de wedstrijd winnen... Maar het viel stil. Drie van de vier kwamen vooraan aansluiten, waarna alle Guadeloupers voluit samenwerkten. Al snel liepen ze tot een minuut uit op het peloton waar mijn ploegmaats op kop reden. We besloten om niet al het vuile werk te doen en dus maar rustig te controleren waardoor de voorsprong na half koers al tot 4min30 opgelopen was. Daarna kregen we steun van een andere ploeg, maar de voorsprong bleef constant. In de laatste 20 km ging ik dan samen met twee favorieten alleen op kop rijden. We naderden nog tot op 2min50 waardoor de schade nog 'relatief' beperkt bleef. De gele trui was ik kwijt, dit was niet zo erg, alleen jammer dat één van de favorieten mee was.
's Namiddags stonden dan nog 85 km op het programma. Hoewel ik de gele trui kwijt was moest ik toch nog starten aangezien de 'truienwissel' pas na de volledige dag plaats vond. Omdat ik goede benen had en ontgoocheld was na de voormiddag besloot ik niet te veel te rekenen en aan de gele trui te denken. Na een hevig begin raakten drie renners voorop. In het peloton viel het echter nooit stil en ik schoof regelmatig mee in de tegenreacties. Met de gele trui om de schouders kreeg ik echter niet te veel steun. Toch bleef ik volharden en net voor de klim na 45km kon ik me toch losrukken met een grote groep van een 25 tal renners. Aan de voet van de klim lag alles echter op een zakdoek. De hele wedstrijd explodeerde na de drie leiders en zo kwamen we uiteindelijk met een 30 tal renners in de achtervolging. Op de constant draaiende en sterk golvende kustweg viel de wedstrijd nooit stil. Ik wachtte rustig mijn moment af en op 25 km van de aankomst ging ik fors door. Drie renners zaten in mijn wiel, maar deze keer rekende ik niet te veel en vroeg ik niet om over te nemen. Pas toen we de kustweg verlieten en een lange rechte laan aansneden hield ik even in om de schade op te meten. De drie leiders waren binnen vizier, daarna zat ik met 3 andere renners, daarna volgde Boris Carène met 2 renners en daarna nog eens 4 renners. De rest van de groep was ver terug geslagen. Al snel kwamen alle groepjes samen waarna de ploeg van Carène, die twee ploegmaats had, tempo maakte aangezien ze de gele trui konden overnemen. Op 10 km van het einde viel een Amerikaan nog aan, en hij liep tot 20s uit. Op 2 km van het einde ging ik ook mijn kans, het kraakte in mijn wiel, maar jammer genoeg had de Amerikaan nog twee ploegmaats om het gaatje te dichten. Uiteindelijk werd het een spurt waarin ik 8e werd. In het klassement herwon ik opnieuw wat plaatsen en stond nu derde.
Op maandag, daags voor de twee bergritten, stond nog een relatief vlakke rit van net geen 160 km gepland. Deze rit werd gekleurd door een ontsnapping van een 5 tal en regen. Tropische regenbuien, ook iets wat we hier niet echt kennen, van het ene moment op het andere, van blauwe lucht naar dikke donkere wolken, vijf minuten de (warme) kraan open en daarna weer droog. Dit zorgde ervoor dat deze saaie rit toch nog relatief snel voorbij ging...
De vluchters werden uiteindelijk ingelopen op de top van een laatste klimmetje op 15km van het einde. Daar brak het peloton nog in twee en zo werd het massaspurt bergop met een 70 tal renners. De laatste 5 km ging de kraan opnieuw open waardoor het nog opletten geblazen was. Aangezien de laatste 600m licht bergop liepen probeerde ik met vooraan te houden. In de afdaling richting laatste haakse bocht verloor ik echter heel wat plaatsen. Ik draaide in zowat 35e positie, maar naar een voor mijn doen zéér goede spurt (ik vraag me af of er zijn die de laatste 600m sneller hebben afgelegd) werd ik 16e.
Op dinsdag, de vierde rit ondertussen, ging het van Petit-Bourg naar Saint-Rose. Dit was meteen ook de koninginnenrit, op de hellingen waren de toeschouwers dan ook massaal komen opdagen, wat voor enige gekte zorgde. Vanaf vandaag werd de wedstrijd ook live uitgezonden, de helikopter en de moto's met camera's maakten het plaatje helemaal compleet. De eerste 30 km verliepen over vrij vlakke wegen, een twintigtal renners maakten hiervan gebruik om wat voorsprong te nemen. Maar vanaf de voet van de eerste zware beklimming ging het tempo in het peloton, dat aangegeven werd door de sterke Gwada Bikers, de hoogte in. De vluchters werden één voor één bijgehaald en op de top kwamen we zo met een twintigtal renners door. Na de afdaling sloten nog een 15tal renners aan, de rest was al ver teruggeslagen. Vanaf toen was het wat aftasten. Er werden enkele prikken uitgedeeld op de verschillende hellingen, hierdoor werd de groep verder uitgedund. Ook de gele trui kwam even in moeilijkheden, maar dankzij een sterke ploeg kon hij terug komen. Na de passage door Pointe-Noir brak de wedstrijd helemaal los, de hemelsluizen gingen nog eens open. De klim (3km à 10%) werd in stevig tempo opgereden waarna geletrui drager, Boris Carène, die daar woont in de afdaling naar benede stoof. Gevolg was dat hij in 3 km tijd zo'n 15s voorsprong nam op de eerste achtervolgers, de rest lag nog verder achterop. Bij die eerste achtervolgers, Klaas Sys, Freddy Vargas, Miguel Ubeto en Laurent Beuret... Ik aarzelde niet en op een strook bergop maakte ik alleen de sprong naar de leider, even later volgde Beuret. Zowat onmiddellijk kregen we een volgende (zéér steile) helling voor de wielen. Onmiddellijk trok ik stevig door zodat de anderen toch wat moeite zouden moeten doen om terug te keren. Blijkbaar was mijn tempo vrij hoog, de Zwitser Beuret moest al snel afhaken, Carène moest aanklampen en de rest was definitief achteruit geslagen. Vanaf toen ging ik door met Carène, al snel kwamen we overéén dat we samen naar de streep zouden rijden. Ik zou de rit winnen, de laatste 20 km reed ik dan ook bijna alleen op kop, en hij zou een prima zaak doen in het klassement. Iedereen zou op minuten staan, behalve ééntje, Klaas Sys. Ritzege nummer twee en het begin van een duel (althans in de media...)!
Dat duel begon op woensdag toen de tweede bergrit verreden werd. Vooraf wist ik al dat het zéér moeilijk zou worden om nog tijd terug te nemen, toch was dit de opdracht de komende ritten, aangezien 1 minuut zelfs voor een Klaas Sys met superbenen waarschijnlijk te veel was om terug te nemen in een tijdrit van 12 km waarvan 5 km bergop. Deze rit leek daar dus ideaal voor zeker na het goede gevoel van de vorige dagen. Het eerste uur verliep over vlakke wegen. Ontsnappingspogingen alom dus, uiteindelijk reden een 12 tal renners weg. Op de eerste twee beklimmingen (waaronder de col des Mamelles) viel deze kopgroep uitéén. Het tempo in het peloton werd opgedreven, hierdoor werden alle koplopers op twee na ingelopen en werd een eerste grote schifting in het peloton doorgevoerd. Hierdoor zat ik wel geisoleerd terwijl de leider nog 3 ploegmaats bij zich had. Zij onderhielden dan ook het tempo na de twee leiders. Die twee leiders namen tot 4 minuten voorsprong en mochten het uitvechten in de spurt voor de overwinning. Op 25 km van het einde volgden dan nog twee hellingen. Jammer genoeg kende ik ze niet. Hierdoor wist ik niet echt waar aan te vallen. De eerste helling was lang, maar niet steil. De tweede was korter, steiler, maar op een 4 vaks baan met wind op kop, niet echt uitnodigend...
Toch ging ik mijn kans op de tweede helling. De groep van 30 renners spatte helemaal uitéén, maar de leider lossen lukte niet, temeer omdat hij nog een zéér sterke ploegmaat bij zich had. Uiteindelijk reden we met een select groepje naar de aankomst waar we mochten spurten voor de derde plaats. Ik werd 14e.
Op donderdag en vrijdag kregen we twee gelijkaardige ritten te verwerken. Vrij vlak met telkens een passage van een twintigtal kilometer door Les Grands Fonds, een heuvelachtig gebied met korte, steile knikken, goed voor explosieve types, maar niet echt mijn ding.
De etappes verliepen vrij stereotyp, een eerste uur waarin er volop werd gevlamd tot de goede ontsnapping weg reed, waarna de ploeg van de leider de rit verder controleerde. Op donderdag lag de passage door Les Grands Fonds dicht tegen de aankomst en dit zorgde nog voor wat animo. De leider zelf trok op één van de hellingen in de aanval met zijn goede vriend Johann Ruffine. Even werd ik in verlegenheid gebracht, gelukkig waren de Amerikanen nog sterk vertegenwoordigd in de achtervolgende groep waardoor alles snel terugkwam. Hierdoor kwamen alle klassementsrenners in dezelfde tijd binnen in een eerste pelotonnetje van circa 30 renners na de leiders.
Vrijdag bleef het windstil tussen de klassementsrenners. Enkel op het einde was belangrijk om attent te zijn, lichte zijwind zorgde voor sliertvorming in het peloton, maar scheuren deed het nooit. Hierdoor mochten we met een bijna voltallig peloton in Saint-Anne spurten voor een 7e plaats. Ik kwam veilig binnen zonder tijdsverlies.
Met een achterstand van 1 minuut en 1 seconde begon ik zaterdag aan de beslissende dag van deze ronde, die bestond uit twee delen. In de voormiddag een verraderlijke rit met een klim op 30 km van het einde gevolgd door een passage langs de lastige kustweg richting Basse-Terre en in de namiddag een klimtijdrit van 12 km naar Saint-Claude.
Het begin van de rit in lijn kende zoals steeds een identiek verloop, talrijke aanvallen tot een groepje een vrijgeleide kreeg. Deze keer was het echter niet de ploeg van de leider die controleerde, maar een 'vriendschappelijke' ploeg. De leidersploeg wachtte de korte maar steile klim af om iets te ondernemen. Daar lanceerden ze een spurt naar boven, ze hadden ondertussen in de mot dat explosiviteit niet mijn sterkste punt was... Ik had blijkbaar mijn eerste slechte dag van deze ronde en moest even naar adem happen, een schakelfout zorgde ervoor dat ik even het spoor kwijt was. Maar op de top kon ik opnieuw aansluiten bij de eersten. Stil vallen deed het echter niet. Ik had blijkbaar wat op mijn adem getrapt en bij een tweede versnelling bleef ik zitten samen met Carène. Een fout, Carène vertrok van achter mij en maakte zo de sprong naar zijn ploegmaat. Die reed onmiddellijk volle bak door en zo reden ze langzaam van mij weg. Omdat ik alleen zat besloot ik wat te wachten op steun, alleen zou het toch onmogelijk worden om terug te keren. Uiteindelijk had ik 30s achterstand toen ik door een groepje opgeraapt werd. We zetten onmiddellijk de achtervolging en op 10 km van de finish kwam ik vooraan terug aansluiten bij Carène. De ritzege werd binnengehaald door een Amerikaan die als enige uit de vroege vlucht stand kon houden tegen het geweld achteraan. Ikzelf eindigde in de eerste achtervolgende groep, maar de warmte en het achtervolgingswerk zorgden ervoor dat ik redelijk kapot was na de rit.
In de namiddag moest het dan gebeuren. Zonder stress en parcourskennis ging ik van start in de klimtijdrit. Een ongelofelijk spektakel. 25000 tot 30000 toeschouwers stonden langs de wegen, twee rijkswachters begeleidden mij en Boris Carène door deze mensenzee, een prachtige ervaring. Ik ging goed van start en lag aan het eerste tussenpunt 17 seconden voor op mijn concurrent, ik had nog niet geforceerd en geloofde er daardoor wel in. Maar blijkbaar waren de benen niet hersteld. Net zoals in de voormiddag mankeerde ik kracht om op de steile stroken bergop het verschil te maken. Carène, die de klim van buiten kende en zijn tijdrit goed ingedeeld had begon hierdoor tijd terug te nemen. Blijkbaar vloog hij in het tweede gedeelte en zo boog hij zijn achterstand om in een voorsprong van 45s waarmee hij tweede werd in de tijdrit en het eindklassement zo goed als zeker in de wacht sleepte. Ikzelf werd met mindere benen 5e in de tijdrit, een mooi resultaat, maar niet goed genoeg om het klassement nog te keren.
Zondagnamiddag eindigde de Tour de la Guadeloupe dan met een korte, vlakke rit met start en aankomst in Les Abymes. In het begin, na de obligate fotoshoot, was het nog even nerveus door de zijwind. Die zorgde ervoor dat 30 renners gelost werden. Daarna werd er in een strak tempo richting aankomst gereden. Er waren nog meerdere ontsnappingspogingen, maar voorop blijven op de lange rechte wegen was bijna onmoglijk. Enkel mijn ploegmaat David Boutville leek toch nog roet in het eten van dee spurters te gooien, op 5 km van het einde vertrok hij solo. Lange tijd leek hij het te halen, maar jammer genoeg moest ook hij eraan geloven op 500m van het einde. Ik zat constant in tweede positie om af te stoppen. Hierdoor zat ik vooraan toen de spurt begon en werd ik zowaar 17e in de massaspurt.
Hierna volgde nog een spectaculaire podiumceremonie van zowat 2u met talrijke optredens. Ik mocht het podium op om de super strijdlust in ontvangst te nemen, alsook voor de derde plaats in het punten- en combiné klassement. Finaal mocht ik nog het eindpodium (met vuurwerk!) op voor mijn tweede plaats in het eindklassement.
Voila, een relaas van een ongelofelijke en niet te vergeten ervaring!
Groetjes,
Klaas
Aangezien de wedstrijd goed te volgen was , zijn de meesten ongetwijfeld op de hoogte over mijn prestaties op Guadeloupe. Hieronder volgt nog een verslag over deze onvergetelijke 10 daagse ervaring.
Na een reis van in totaal 19u kwam ik donderdag avond 18u45 (plaatselijke tijd -6u) aan in het sjieke hotel Créole Beach****. Onmiddellijk vertrokken we vandaar met de bus naar de hoofdstad Point-à-Pitre voor een (uitgebreide) ploegenpresentatie. Al onmdiddellijk werd duidelijk dat de organisatie meer dan in orde was. De presentatie verliep groots en werd opgeluisterd door enkele honderden mensen, veel naar onze normen, maar nog maar het begin... Terug in het hotel om 10u (4u onze tijd) ging het direct richting bed om toch enigzins een deftige proloog te rijden op vrijdagavond, ook al was die maar 4 km.
Die proloog van 4 km werd verreden op een 4 vaks weg, waarna we na 2 km op een breed rondpunt rechtsomkeer moesten maken. Ook nu was er weer een enorme massa komen opdagen, aan weerszijden van de weg stonden de mensen rijen dik. Ik stond blijkbaar al bij de favorieten genoteerd en kreeg een (grote) camera op het stuur gemonteerd. Die verhinderde me wat bij het optrekken, maar achteraf bleek dit nog niet zo slecht. Hierdoor ging ik traag van start, maar had ik nog veel reserves voor de laatste 2 km met wind op kop. Ik eindigde als 28e en dit zonder tijdrit materiaal in tegenstelling tot vele anderen onder wie de volledige top 20.
Zaterdag werd dan de eerste en meteen ook langste rit gereden (163 km) van Point-à-Pitre naar Saint-François. Van bij de start werd het al duidelijk dat het lastig zou worden, de vochtige hitte zorgde ervoor dat iedere effort tijdens de koers er één te veel was. In het begin van de wedstrijd hield ik me dan ook gedeisd, dit tot km 50, vanaf toen was het koers tot het eind... Een 20 tal renners waren weggereden en hadden 20s voorsprong, ik wist dat dit een zéér gevaarlijke ontsnapping was en zette daarom alleen de achtervolging in. Na 3 km vol gas te rijden kwam ik vooraan aansluiten. Deze inspanning moest ik wel een 10 tal kilometer bekopen want daarna was het even aanklampen. Vijf kilometer verder kwamen nog een 10 tal renners terug waarbij de Amerikaanse leider, vanaf toen werd duidelijk dat de winnaar vooraan zat. Er was echter absoluut geen samenwerking in de kopgroep en aangezien ik alleen was besloot ik maar mee te glippen met een aanval. Zo kwamen we na 75 km wedstrijd met 4 renners voorop. We liepen snel tot 1min30 uit op de achtervolgers. 20 km verder kwamen nog 3 renners terug, waardoor we met 7 op kop kwamen. Hoewel we niet goed samenwerkten, bleef de voorsprong constant rond de minuut schommelen op de achtervolgende groep waar de Amerikanen alleen het werk opknapten. Op 25 km van het einde leek ons liedje dan over toen de 30 achtervolgers tot 15s terug kwamen. Eén renner ging nog even door en ik sprong er naar toe, de rest werd ingelopen. Met zijn tweeën gingen we nu vol door en liepen terug uit tot 40s. Met nog 20 km te gaan voelde ik echter dat mijn compaan er door zat en vanaf dat moment besloot ik alleen door te gaan. Op de laatste strook bergop kon ik hem af schudden om de laatste 17km met de wind op kop alleen af te haspelen. Het begon op dat moment ook nog eens te gieten en dat maakte de 'duivel' in mij helemaal los. Ik verzwakte geen enkel moment. Eén renner probeerde nog alleen de achtervolging in te zetten, maar verloor enkel tijd en kwam op 1min15 binnen, het achtervolgende peloton liep binnen met 1min50 achterstand! De ronde was goed begonnen, ritwinst en géél! Na de aankomst was het nog niet gedaan, onmiddellijk werd ik afgeleid naar de pershoek waar ik door twee tv stations werd opgewacht, daarna moest ik nog enkele radio interviews doen alsook de geschreven pers te woord staan. Waarna nog een uitgebreide podium ceremonie volgde!
Op zondag stond de langste dag van de hele ronde te wachten. Bijna 200 km verdeeld over twee etappes. Met de gele trui om de schouders zou het niet gemakkelijk worden. De ploeg was niet bijster sterk en er restten nog meer dan 1000 km wedstrijd, onmogelijk om met 5 renners te controleren, zeker in Guadeloupe, waar iedereen constant aanvalt!
's Morgens gingen we van start voor een etappe van een kleine 100km. Deze was relatief vlak. De aanvallen volgden elkaar in sneltempo op en na 15 km kregen we een 20 tal renners aan het commando zonder grote kandidaten op eindwinst. Dit zag er dus goed uit. Jammer genoeg viel de wedstrijd niet stil en bleven de aanvallen komen. Ik zat even geïsoleerd in een groep van 30 achtervolgers en hiervan maakten mijn concurrenten gebruik. Op een moment dat ik wat ingesloten zat gingen ze met 4 voluit aan van achter mij. Ze sloegen onmiddellijk een gat. Ik keek wat naar de andere favorieten, ook zij wilden ten slotte de wedstrijd winnen... Maar het viel stil. Drie van de vier kwamen vooraan aansluiten, waarna alle Guadeloupers voluit samenwerkten. Al snel liepen ze tot een minuut uit op het peloton waar mijn ploegmaats op kop reden. We besloten om niet al het vuile werk te doen en dus maar rustig te controleren waardoor de voorsprong na half koers al tot 4min30 opgelopen was. Daarna kregen we steun van een andere ploeg, maar de voorsprong bleef constant. In de laatste 20 km ging ik dan samen met twee favorieten alleen op kop rijden. We naderden nog tot op 2min50 waardoor de schade nog 'relatief' beperkt bleef. De gele trui was ik kwijt, dit was niet zo erg, alleen jammer dat één van de favorieten mee was.
's Namiddags stonden dan nog 85 km op het programma. Hoewel ik de gele trui kwijt was moest ik toch nog starten aangezien de 'truienwissel' pas na de volledige dag plaats vond. Omdat ik goede benen had en ontgoocheld was na de voormiddag besloot ik niet te veel te rekenen en aan de gele trui te denken. Na een hevig begin raakten drie renners voorop. In het peloton viel het echter nooit stil en ik schoof regelmatig mee in de tegenreacties. Met de gele trui om de schouders kreeg ik echter niet te veel steun. Toch bleef ik volharden en net voor de klim na 45km kon ik me toch losrukken met een grote groep van een 25 tal renners. Aan de voet van de klim lag alles echter op een zakdoek. De hele wedstrijd explodeerde na de drie leiders en zo kwamen we uiteindelijk met een 30 tal renners in de achtervolging. Op de constant draaiende en sterk golvende kustweg viel de wedstrijd nooit stil. Ik wachtte rustig mijn moment af en op 25 km van de aankomst ging ik fors door. Drie renners zaten in mijn wiel, maar deze keer rekende ik niet te veel en vroeg ik niet om over te nemen. Pas toen we de kustweg verlieten en een lange rechte laan aansneden hield ik even in om de schade op te meten. De drie leiders waren binnen vizier, daarna zat ik met 3 andere renners, daarna volgde Boris Carène met 2 renners en daarna nog eens 4 renners. De rest van de groep was ver terug geslagen. Al snel kwamen alle groepjes samen waarna de ploeg van Carène, die twee ploegmaats had, tempo maakte aangezien ze de gele trui konden overnemen. Op 10 km van het einde viel een Amerikaan nog aan, en hij liep tot 20s uit. Op 2 km van het einde ging ik ook mijn kans, het kraakte in mijn wiel, maar jammer genoeg had de Amerikaan nog twee ploegmaats om het gaatje te dichten. Uiteindelijk werd het een spurt waarin ik 8e werd. In het klassement herwon ik opnieuw wat plaatsen en stond nu derde.
Op maandag, daags voor de twee bergritten, stond nog een relatief vlakke rit van net geen 160 km gepland. Deze rit werd gekleurd door een ontsnapping van een 5 tal en regen. Tropische regenbuien, ook iets wat we hier niet echt kennen, van het ene moment op het andere, van blauwe lucht naar dikke donkere wolken, vijf minuten de (warme) kraan open en daarna weer droog. Dit zorgde ervoor dat deze saaie rit toch nog relatief snel voorbij ging...
De vluchters werden uiteindelijk ingelopen op de top van een laatste klimmetje op 15km van het einde. Daar brak het peloton nog in twee en zo werd het massaspurt bergop met een 70 tal renners. De laatste 5 km ging de kraan opnieuw open waardoor het nog opletten geblazen was. Aangezien de laatste 600m licht bergop liepen probeerde ik met vooraan te houden. In de afdaling richting laatste haakse bocht verloor ik echter heel wat plaatsen. Ik draaide in zowat 35e positie, maar naar een voor mijn doen zéér goede spurt (ik vraag me af of er zijn die de laatste 600m sneller hebben afgelegd) werd ik 16e.
Op dinsdag, de vierde rit ondertussen, ging het van Petit-Bourg naar Saint-Rose. Dit was meteen ook de koninginnenrit, op de hellingen waren de toeschouwers dan ook massaal komen opdagen, wat voor enige gekte zorgde. Vanaf vandaag werd de wedstrijd ook live uitgezonden, de helikopter en de moto's met camera's maakten het plaatje helemaal compleet. De eerste 30 km verliepen over vrij vlakke wegen, een twintigtal renners maakten hiervan gebruik om wat voorsprong te nemen. Maar vanaf de voet van de eerste zware beklimming ging het tempo in het peloton, dat aangegeven werd door de sterke Gwada Bikers, de hoogte in. De vluchters werden één voor één bijgehaald en op de top kwamen we zo met een twintigtal renners door. Na de afdaling sloten nog een 15tal renners aan, de rest was al ver teruggeslagen. Vanaf toen was het wat aftasten. Er werden enkele prikken uitgedeeld op de verschillende hellingen, hierdoor werd de groep verder uitgedund. Ook de gele trui kwam even in moeilijkheden, maar dankzij een sterke ploeg kon hij terug komen. Na de passage door Pointe-Noir brak de wedstrijd helemaal los, de hemelsluizen gingen nog eens open. De klim (3km à 10%) werd in stevig tempo opgereden waarna geletrui drager, Boris Carène, die daar woont in de afdaling naar benede stoof. Gevolg was dat hij in 3 km tijd zo'n 15s voorsprong nam op de eerste achtervolgers, de rest lag nog verder achterop. Bij die eerste achtervolgers, Klaas Sys, Freddy Vargas, Miguel Ubeto en Laurent Beuret... Ik aarzelde niet en op een strook bergop maakte ik alleen de sprong naar de leider, even later volgde Beuret. Zowat onmiddellijk kregen we een volgende (zéér steile) helling voor de wielen. Onmiddellijk trok ik stevig door zodat de anderen toch wat moeite zouden moeten doen om terug te keren. Blijkbaar was mijn tempo vrij hoog, de Zwitser Beuret moest al snel afhaken, Carène moest aanklampen en de rest was definitief achteruit geslagen. Vanaf toen ging ik door met Carène, al snel kwamen we overéén dat we samen naar de streep zouden rijden. Ik zou de rit winnen, de laatste 20 km reed ik dan ook bijna alleen op kop, en hij zou een prima zaak doen in het klassement. Iedereen zou op minuten staan, behalve ééntje, Klaas Sys. Ritzege nummer twee en het begin van een duel (althans in de media...)!
Dat duel begon op woensdag toen de tweede bergrit verreden werd. Vooraf wist ik al dat het zéér moeilijk zou worden om nog tijd terug te nemen, toch was dit de opdracht de komende ritten, aangezien 1 minuut zelfs voor een Klaas Sys met superbenen waarschijnlijk te veel was om terug te nemen in een tijdrit van 12 km waarvan 5 km bergop. Deze rit leek daar dus ideaal voor zeker na het goede gevoel van de vorige dagen. Het eerste uur verliep over vlakke wegen. Ontsnappingspogingen alom dus, uiteindelijk reden een 12 tal renners weg. Op de eerste twee beklimmingen (waaronder de col des Mamelles) viel deze kopgroep uitéén. Het tempo in het peloton werd opgedreven, hierdoor werden alle koplopers op twee na ingelopen en werd een eerste grote schifting in het peloton doorgevoerd. Hierdoor zat ik wel geisoleerd terwijl de leider nog 3 ploegmaats bij zich had. Zij onderhielden dan ook het tempo na de twee leiders. Die twee leiders namen tot 4 minuten voorsprong en mochten het uitvechten in de spurt voor de overwinning. Op 25 km van het einde volgden dan nog twee hellingen. Jammer genoeg kende ik ze niet. Hierdoor wist ik niet echt waar aan te vallen. De eerste helling was lang, maar niet steil. De tweede was korter, steiler, maar op een 4 vaks baan met wind op kop, niet echt uitnodigend...
Toch ging ik mijn kans op de tweede helling. De groep van 30 renners spatte helemaal uitéén, maar de leider lossen lukte niet, temeer omdat hij nog een zéér sterke ploegmaat bij zich had. Uiteindelijk reden we met een select groepje naar de aankomst waar we mochten spurten voor de derde plaats. Ik werd 14e.
Op donderdag en vrijdag kregen we twee gelijkaardige ritten te verwerken. Vrij vlak met telkens een passage van een twintigtal kilometer door Les Grands Fonds, een heuvelachtig gebied met korte, steile knikken, goed voor explosieve types, maar niet echt mijn ding.
De etappes verliepen vrij stereotyp, een eerste uur waarin er volop werd gevlamd tot de goede ontsnapping weg reed, waarna de ploeg van de leider de rit verder controleerde. Op donderdag lag de passage door Les Grands Fonds dicht tegen de aankomst en dit zorgde nog voor wat animo. De leider zelf trok op één van de hellingen in de aanval met zijn goede vriend Johann Ruffine. Even werd ik in verlegenheid gebracht, gelukkig waren de Amerikanen nog sterk vertegenwoordigd in de achtervolgende groep waardoor alles snel terugkwam. Hierdoor kwamen alle klassementsrenners in dezelfde tijd binnen in een eerste pelotonnetje van circa 30 renners na de leiders.
Vrijdag bleef het windstil tussen de klassementsrenners. Enkel op het einde was belangrijk om attent te zijn, lichte zijwind zorgde voor sliertvorming in het peloton, maar scheuren deed het nooit. Hierdoor mochten we met een bijna voltallig peloton in Saint-Anne spurten voor een 7e plaats. Ik kwam veilig binnen zonder tijdsverlies.
Met een achterstand van 1 minuut en 1 seconde begon ik zaterdag aan de beslissende dag van deze ronde, die bestond uit twee delen. In de voormiddag een verraderlijke rit met een klim op 30 km van het einde gevolgd door een passage langs de lastige kustweg richting Basse-Terre en in de namiddag een klimtijdrit van 12 km naar Saint-Claude.
Het begin van de rit in lijn kende zoals steeds een identiek verloop, talrijke aanvallen tot een groepje een vrijgeleide kreeg. Deze keer was het echter niet de ploeg van de leider die controleerde, maar een 'vriendschappelijke' ploeg. De leidersploeg wachtte de korte maar steile klim af om iets te ondernemen. Daar lanceerden ze een spurt naar boven, ze hadden ondertussen in de mot dat explosiviteit niet mijn sterkste punt was... Ik had blijkbaar mijn eerste slechte dag van deze ronde en moest even naar adem happen, een schakelfout zorgde ervoor dat ik even het spoor kwijt was. Maar op de top kon ik opnieuw aansluiten bij de eersten. Stil vallen deed het echter niet. Ik had blijkbaar wat op mijn adem getrapt en bij een tweede versnelling bleef ik zitten samen met Carène. Een fout, Carène vertrok van achter mij en maakte zo de sprong naar zijn ploegmaat. Die reed onmiddellijk volle bak door en zo reden ze langzaam van mij weg. Omdat ik alleen zat besloot ik wat te wachten op steun, alleen zou het toch onmogelijk worden om terug te keren. Uiteindelijk had ik 30s achterstand toen ik door een groepje opgeraapt werd. We zetten onmiddellijk de achtervolging en op 10 km van de finish kwam ik vooraan terug aansluiten bij Carène. De ritzege werd binnengehaald door een Amerikaan die als enige uit de vroege vlucht stand kon houden tegen het geweld achteraan. Ikzelf eindigde in de eerste achtervolgende groep, maar de warmte en het achtervolgingswerk zorgden ervoor dat ik redelijk kapot was na de rit.
In de namiddag moest het dan gebeuren. Zonder stress en parcourskennis ging ik van start in de klimtijdrit. Een ongelofelijk spektakel. 25000 tot 30000 toeschouwers stonden langs de wegen, twee rijkswachters begeleidden mij en Boris Carène door deze mensenzee, een prachtige ervaring. Ik ging goed van start en lag aan het eerste tussenpunt 17 seconden voor op mijn concurrent, ik had nog niet geforceerd en geloofde er daardoor wel in. Maar blijkbaar waren de benen niet hersteld. Net zoals in de voormiddag mankeerde ik kracht om op de steile stroken bergop het verschil te maken. Carène, die de klim van buiten kende en zijn tijdrit goed ingedeeld had begon hierdoor tijd terug te nemen. Blijkbaar vloog hij in het tweede gedeelte en zo boog hij zijn achterstand om in een voorsprong van 45s waarmee hij tweede werd in de tijdrit en het eindklassement zo goed als zeker in de wacht sleepte. Ikzelf werd met mindere benen 5e in de tijdrit, een mooi resultaat, maar niet goed genoeg om het klassement nog te keren.
Zondagnamiddag eindigde de Tour de la Guadeloupe dan met een korte, vlakke rit met start en aankomst in Les Abymes. In het begin, na de obligate fotoshoot, was het nog even nerveus door de zijwind. Die zorgde ervoor dat 30 renners gelost werden. Daarna werd er in een strak tempo richting aankomst gereden. Er waren nog meerdere ontsnappingspogingen, maar voorop blijven op de lange rechte wegen was bijna onmoglijk. Enkel mijn ploegmaat David Boutville leek toch nog roet in het eten van dee spurters te gooien, op 5 km van het einde vertrok hij solo. Lange tijd leek hij het te halen, maar jammer genoeg moest ook hij eraan geloven op 500m van het einde. Ik zat constant in tweede positie om af te stoppen. Hierdoor zat ik vooraan toen de spurt begon en werd ik zowaar 17e in de massaspurt.
Hierna volgde nog een spectaculaire podiumceremonie van zowat 2u met talrijke optredens. Ik mocht het podium op om de super strijdlust in ontvangst te nemen, alsook voor de derde plaats in het punten- en combiné klassement. Finaal mocht ik nog het eindpodium (met vuurwerk!) op voor mijn tweede plaats in het eindklassement.
Voila, een relaas van een ongelofelijke en niet te vergeten ervaring!
Groetjes,
Klaas
vrijdag 5 augustus 2011
GP Cours-la-Ville en Tour de Guadeloupe
Hallo
Dinsdag ging ik van start in de lastige GP Cours-la-Ville. Lastig, was het door de hitte (goed 30°C) en het parcours, 10 ronden van 14,5 km met ongeveer 5km bergop per ronde. Er stond ook een kwalitatief zeer sterk deelnemersveld wat de wedstrijd alleen maar mooier maakt.
Het wedstrijdverloop dan...
Dat zat niet echt mee voor mij, in de eerste 5 km viel de wedstrijd al bijna in een beslissende plooi. Een aanval van 19 renners waarbij alle grote ploegen vertegenwoordigd waren met meerdere favorieten zorgde ervoor dat het voor mij als enkeling zéér moeilijk koersen werd. Ik probeerde me niet nerveus te maken, maar moest toch al serieus uit mijn pijp komen tijdens de 2e en 3e beklimming van de Col de la Buche zodat de voorsprong toch niet te hoog zou oplopen.
Tijdens de 4e beklimming van de col ging Carl Naibo geweldig tekeer. Hij nam de hele col voor zijn rekening en zo reden we met een 7 tal renners weg, een ronde verder kwamen we vooraan aansluiten. De wedstrijd viel echter nooit stil, want bijna onmiddellijk reden in twee schuifjes 9 renners weg. Ik moest de inspanningen die ik geleverd had in het begin van de wedstrijd bekopen en kwam een 50 tal meter te kort om mee te zijn. Hierdoor kwam ik in een achtervolgende groep van 7 terecht. Mede omdat we slechts met 3 renners achtervolgden zagen we de kop van de wedstrijd nooit meer terug. In de strijd om de 10e plaats moest ik twee renners laten voorgaan en zo werd ik uiteindelijk 12e. Geen super uitslag, maar met de koersomstandigheden (de vroege onstnapping en de slopende achtervolging) en de benen die goed maar niet super waren, zat er niet veel meer in.
Donderdag reisde ik dan af naar Guadeloupe voor de Tour de Guadeloupe. Na een lange reis van 19u ben ik goed aangekomen. Vanavond gaan we van start met een korte proloog van 4km. De vochtige hitte zal de komende 10 dagen de zwaarste tegenstander worden vermoed ik. Het wordt alleszins een mooie ervaring.
Tot hoors,
Klaas
zaterdag 30 juli 2011
Kreizh Breizh Elite
Hallo
Van vorig weekend tot en met maandag was ik aan de slag in Bretagne voor de "KBE". 3 dagen en 4 ritten in het heuvelachtige Bretoense hinterland! Een beknopt relaas...
DAG 1
Zoals altijd in Bretagne bestond het parcours over golvende, kronkelende en relatief smalle wegen met hier en daar een steile strook bergop. Van in de start reden een 15 tal renners weg. Zij liepen snel tot een 30 tal seconden uit. Enkele renners konden nog de brug maken en toen we terug kwamen tot op 15 seconden aan de voet van de eerste helling dit ik hetzelfde. Na de afdaling sloten nog 3 renners aan en zo kwamen we met 23 voorop. Al snel liepen we uit tot meer dan 3 minuten, maar van dan af aan verliep de samenwerking minder vlot. De voorsprong steeg nog even richting de 5 minuten, maar toen het peloton de achtervolging in zette begon die al even snel te slinken. Veel van mijn medevluchters zaten ook stillaan door hun beste krachten heen en werden gelost op de hellingen. Uiteindelijk bereikten we met 15 renners de 5 plaatselijke ronden met 15 sec voorsprong op 20 achtervolgers en 1 minuut op het peloton. Frans kampioen, Freddy Bichot zette meteen een solo op. Van mij was het beste er van af en dus beperkte ik me vooral tot volgen. Op een kleine 3 ronden van het einde volgde ik dan toch een aanval van 2 renners en tot mijn grote verbazing reden we weg. We kwamen al snel voorop bij Bichot en namen tot 30 sec op het peloton. Ik voelde me plots weer beter... Met 20 sec voorsprong op het grote peloton dat fel terug kwam doken we uiteidelijk de laatste ronde in... Toch hielden wel stand, helaas, op anderhalve kilometer van het einde kwamen nog 2 renners terug. In de spurt bergop stond geen maat op Clinton Avery, ikzelf finishte helemaal leeg, na een uitzonderlijke rit, op de 6e plaats net voor het aanstormende peloton.
DAG 2:
's Morgens kregen we als opwarmer 96 km voor de wielen onder een druilerige hemel. Al snel reden 4 renners weg en even later konden 2 renners nog de brug slaan. Zo kregen we 6 leiders die de plaatselijke ronden met 1min40 voorsprong aanvatten. Ik voelde me redelijk goed en op het klimmetje in de plaatselijke ronden kon ik vlot meekoersen. In de laatste 2 ronden verliep de koers wat warrig. De koplopers werden bijna ingelopen en enkele andere renners konden de brug slaan. Ook ik raakte weg, maar de samenwerking verliep niet zoals het hoorde. Hierdoor werden we net voor de klim weer ingelopen waardoor ik wat posities verloor. Hierop konden nog eens enkele renners wegrijden. Ik kon wel nog opschuiven, maar het was te laat om nog helemaal vooraan te raken. Ik eindigde uiteindelijk als 28e. Hier zat meer in.
's Namiddags kregen we nog een zware rit van 100 km voor de kiezen geschoven met na 27 km, het scharnierpunt van deze ronde, de 'Mûr-de-Bretagne', daarna verliep het vrij vlak, waarna nog 4 lastige plaatselijke ronden van 8 km te wachten stonden.
Al snel in de wedstrijd reden 9 renners weg, zij begonnen met 2min voorsprong aan de Muur. Ik was gemotiveerd en wou mezelf bewijzen. Jammer genoeg vergallopeerde ik me wat. Van aan de voet ging ik samen met Frans kampioen Freddy Bichot aan. Met de wind schuin op kop bleek dit echter zeer vroeg. Net voor de top snelden enkele renners me dan ook voorbij waardoor ik in 10e positie boven kwam. Ik had echter geforceerd, want op die top scheurde het net voor mij, 8 renners reden weg en ik blokkeerde en was dus niet bij machte te reageren. Een ontgoocheling en mentale opdoffer. De 8 reden naar de 9 leiders en dus kregen we 17 renners op kop. Ik had blijkbaar over mijn limiet geweest, want plots voelde ik me zeer slecht. Het was 30 km knokken om bij het peloton te blijven... Toen de voorsprong van de leiders de 2 minuten overschreed dacht ik dat de wedstrijd gereden was. Ontgoocheling, vooral de mentale opdoffer van de muur en het forceren op de muur (hoewel het weer iets beter ging) zorgden ervoor dat ik wat moedelloos achteraan het peloton bengelde. Op goed 2 ronden van het einde scheurde het peloton in twee en ik bevond me dan ook in het tweede deel. Een grote misrekening, na de aankomst hoorde ik dat het eerste peloton nog tot op 4s van de leiders genaderd was. Slecht was ik niet, maar ik was net iets te enthousiast op de Mûr de Bretagne en betaalde dit cash.
DAG 3:
De laatste dag wou ik graag de zure nasmaak van daags voordien verwerken. De eerste 5 km reed ik 'à bloc' om weg te raken. Dit lukte echter niet en ik moest de inspanningen dan ook even bekopen. Het duurde uiteindelijk tot een valpartij aan km 45 vooraleer 6 renners een vrijgeleide kregen. Lang duurde dit echter niet. Na de zwaarste beklimming van de dag (km 60) herbegon de koers opnieuw in het peloton. En lang duurde het niet of er vertrok opnieuw een ontsnapping in 2 schuifjes, met mezelf... Al snel kwamen we bij de 6 koplopers en zo kwamen we in totaal met een 25 tal renners op kop. Aangezien er enkele klassementsrenners vooraan stonden kregen we nooit echt een vrijgeleide, maar was het ook nooit aan mij om te werken. Uiteindelijk sneden we plaatselijke ronden aan met 1 minuut voorsprong. 3 renners konden nog de brug slaan waaronder Laurent Pichon (2e in het klassement). Vervolgens reed zijn ploeg volle bak op kop in de kopgroep samen met Rabobank. Ontsnappen werd hierdoor onmogelijk. Toch probeerde ik, want ik voelde me nog goed, het nog op de laatste beklimming bij het ingaan van de laatste ronde, maar al snel werd ik terug gegrepen. In de spurt bergop werd ik 12e. Jammer dat de sterke blokken de wedstrijd helemaal gesloten hielden, anders zat er meer in, maar ja, dat is koers.
Gr Klaas
Van vorig weekend tot en met maandag was ik aan de slag in Bretagne voor de "KBE". 3 dagen en 4 ritten in het heuvelachtige Bretoense hinterland! Een beknopt relaas...
DAG 1
Zoals altijd in Bretagne bestond het parcours over golvende, kronkelende en relatief smalle wegen met hier en daar een steile strook bergop. Van in de start reden een 15 tal renners weg. Zij liepen snel tot een 30 tal seconden uit. Enkele renners konden nog de brug maken en toen we terug kwamen tot op 15 seconden aan de voet van de eerste helling dit ik hetzelfde. Na de afdaling sloten nog 3 renners aan en zo kwamen we met 23 voorop. Al snel liepen we uit tot meer dan 3 minuten, maar van dan af aan verliep de samenwerking minder vlot. De voorsprong steeg nog even richting de 5 minuten, maar toen het peloton de achtervolging in zette begon die al even snel te slinken. Veel van mijn medevluchters zaten ook stillaan door hun beste krachten heen en werden gelost op de hellingen. Uiteindelijk bereikten we met 15 renners de 5 plaatselijke ronden met 15 sec voorsprong op 20 achtervolgers en 1 minuut op het peloton. Frans kampioen, Freddy Bichot zette meteen een solo op. Van mij was het beste er van af en dus beperkte ik me vooral tot volgen. Op een kleine 3 ronden van het einde volgde ik dan toch een aanval van 2 renners en tot mijn grote verbazing reden we weg. We kwamen al snel voorop bij Bichot en namen tot 30 sec op het peloton. Ik voelde me plots weer beter... Met 20 sec voorsprong op het grote peloton dat fel terug kwam doken we uiteidelijk de laatste ronde in... Toch hielden wel stand, helaas, op anderhalve kilometer van het einde kwamen nog 2 renners terug. In de spurt bergop stond geen maat op Clinton Avery, ikzelf finishte helemaal leeg, na een uitzonderlijke rit, op de 6e plaats net voor het aanstormende peloton.
DAG 2:
's Morgens kregen we als opwarmer 96 km voor de wielen onder een druilerige hemel. Al snel reden 4 renners weg en even later konden 2 renners nog de brug slaan. Zo kregen we 6 leiders die de plaatselijke ronden met 1min40 voorsprong aanvatten. Ik voelde me redelijk goed en op het klimmetje in de plaatselijke ronden kon ik vlot meekoersen. In de laatste 2 ronden verliep de koers wat warrig. De koplopers werden bijna ingelopen en enkele andere renners konden de brug slaan. Ook ik raakte weg, maar de samenwerking verliep niet zoals het hoorde. Hierdoor werden we net voor de klim weer ingelopen waardoor ik wat posities verloor. Hierop konden nog eens enkele renners wegrijden. Ik kon wel nog opschuiven, maar het was te laat om nog helemaal vooraan te raken. Ik eindigde uiteindelijk als 28e. Hier zat meer in.
's Namiddags kregen we nog een zware rit van 100 km voor de kiezen geschoven met na 27 km, het scharnierpunt van deze ronde, de 'Mûr-de-Bretagne', daarna verliep het vrij vlak, waarna nog 4 lastige plaatselijke ronden van 8 km te wachten stonden.
Al snel in de wedstrijd reden 9 renners weg, zij begonnen met 2min voorsprong aan de Muur. Ik was gemotiveerd en wou mezelf bewijzen. Jammer genoeg vergallopeerde ik me wat. Van aan de voet ging ik samen met Frans kampioen Freddy Bichot aan. Met de wind schuin op kop bleek dit echter zeer vroeg. Net voor de top snelden enkele renners me dan ook voorbij waardoor ik in 10e positie boven kwam. Ik had echter geforceerd, want op die top scheurde het net voor mij, 8 renners reden weg en ik blokkeerde en was dus niet bij machte te reageren. Een ontgoocheling en mentale opdoffer. De 8 reden naar de 9 leiders en dus kregen we 17 renners op kop. Ik had blijkbaar over mijn limiet geweest, want plots voelde ik me zeer slecht. Het was 30 km knokken om bij het peloton te blijven... Toen de voorsprong van de leiders de 2 minuten overschreed dacht ik dat de wedstrijd gereden was. Ontgoocheling, vooral de mentale opdoffer van de muur en het forceren op de muur (hoewel het weer iets beter ging) zorgden ervoor dat ik wat moedelloos achteraan het peloton bengelde. Op goed 2 ronden van het einde scheurde het peloton in twee en ik bevond me dan ook in het tweede deel. Een grote misrekening, na de aankomst hoorde ik dat het eerste peloton nog tot op 4s van de leiders genaderd was. Slecht was ik niet, maar ik was net iets te enthousiast op de Mûr de Bretagne en betaalde dit cash.
DAG 3:
De laatste dag wou ik graag de zure nasmaak van daags voordien verwerken. De eerste 5 km reed ik 'à bloc' om weg te raken. Dit lukte echter niet en ik moest de inspanningen dan ook even bekopen. Het duurde uiteindelijk tot een valpartij aan km 45 vooraleer 6 renners een vrijgeleide kregen. Lang duurde dit echter niet. Na de zwaarste beklimming van de dag (km 60) herbegon de koers opnieuw in het peloton. En lang duurde het niet of er vertrok opnieuw een ontsnapping in 2 schuifjes, met mezelf... Al snel kwamen we bij de 6 koplopers en zo kwamen we in totaal met een 25 tal renners op kop. Aangezien er enkele klassementsrenners vooraan stonden kregen we nooit echt een vrijgeleide, maar was het ook nooit aan mij om te werken. Uiteindelijk sneden we plaatselijke ronden aan met 1 minuut voorsprong. 3 renners konden nog de brug slaan waaronder Laurent Pichon (2e in het klassement). Vervolgens reed zijn ploeg volle bak op kop in de kopgroep samen met Rabobank. Ontsnappen werd hierdoor onmogelijk. Toch probeerde ik, want ik voelde me nog goed, het nog op de laatste beklimming bij het ingaan van de laatste ronde, maar al snel werd ik terug gegrepen. In de spurt bergop werd ik 12e. Jammer dat de sterke blokken de wedstrijd helemaal gesloten hielden, anders zat er meer in, maar ja, dat is koers.
Gr Klaas
woensdag 20 juli 2011
Verslag: Tour de la Dordogne, Tour du Pays de Roumois en Challenge d'Or
Hallo
Het was even stil op de blog, ik bracht dan ook een tijdje door in Frankrijk waar ik een hele reeks wedstrijden afwerkte.
Het begon met de Tour de la Dordogne, een 4 daagse rittenkoers die zich afspeelde in en rond de stad Périgeux. Het parcours van deze wedstrijd werd gekenmerkt door smalle wegen, veelal in slechte staat, de warmte en een golvend traject, geen cols, maar ook geen meter vlak.
160 renners aan de start en de smalle wegen zorgden ervoor dat de eerste dagen zeer nerveus waren. De valpartijen waren dan ook niet op één hand te tellen, gelukkig bleef ik gespaard...
Op dag 1 voelde ik me in het begin niet echt super, ik was wel attent toen een interessante kopgroep onstond van een 15 tal renners. Dit zag er even heel goed uit, we liepen tot 20s uit, maar na 10 km kwam alles opnieuw samen. Het duurde uiteindelijk tot km 80 voor de wedstrijd echt open brak. Op het lastigste stuk van het parcours voelde ik me beter en kon ik mee de forcing voeren, hierdoor brak het peloton in meerdere stukken en zo kwam ik samen met een 50 tal renners op kop. Ik voelde me vrij goed en na 90km trok ik met 6 renners in de aanval. Het zag er goed uit, maar toch kregen we geen vrijgeleide. Op het moment dat we ingelopen werden gingen in 2 schuifjes 10 renners weg waarin de sterkste blokken present waren. Zij namen snel tot 1min30 voorsprong en hielden stand tot op de streep. Ik eindigde uiteindelijk in het eerste peloton op een 50 tal seconden van de leiders.
Op de tweede dag stond een tijdrit van 10 km op het programma. Het parcours was golvend, maar toch vrij snel. Hoewel ik een goed ritme te pakken had merkte ik toch dat de macht in de benen wat ontbrak, ik eindigde uiteindelijk op een weinig zeggende 35e plaats.
Op de derde dag werd er van bij de start snel gereden. Ik voelde me helemaal niet goed en moest echt aanklampen om bij het peloton te blijven. Toen er een massale valpartij was in een afdaling met gravée werd de koers geneutraliseerd. Bij de herstart was er opnieuw een massale valpartij en naast mijn slechte benen had ik hierdoor ook de moraal helemaal verloren. Naarmate de wedstrijd vorderde begon ik me toch goed te voelen. En eens op het plaatselijk parcours (3x15km) dat heel lastig was met een beklimming van een 3 tal kilometer had ik plots super benen. Alleen waren er toen al 17 renners voorop met 1min40s voorsprong. Ik begon dan maar te rijden en nam telkens de beklimming voor mijn rekening. Met de meter voelde ik me beter en het leek wel of ik telkens sneller en sneller reed. Op 5 km van het einde kwam ik terug vooraan aansluiten. Slechts dertig renners volgden me nog en zo eindigde de wedstrijd op een spurt met 45 renners. Hierin werd ik 26e. In het klassement stond ik 19e.
Nadat ik rit 3 met goede benen beeindigde hoopte ik om de lijn in rit 4 door te trekken. Al snel trokken 10 renners in de aanval die tot 6 minuten voorsprong namen. Op het lastige deel van het parcours voelde ik me heel goed, af en toe kwam er afscheiding, maar de ploeg van de leider hield de wedstrijd helemaal op slot. Uiteindelijk trokken we met een peloton van een 80 tal renners met 1min30 achterstand op de leiders naar de plaatselijke ronden. Hierin ging ik de de eerste 2 ronden in de aanval, maar dit bleek te vroeg. In ronde drie konden 10 renners zich dan toch nog losmaken en konden in de laatste ronde de leiders nog vervoegen. In de laatste ronde kon ik ook nog wegkomen en naar een 21e plaats in de rit rijden. In het klassement bleef ik 19e, hoewel ik meer verdiend had.
Donderdag, 14 juli, ging ik dan van start in de Tour du Pays de Roumois, een ééndagskoers in Normandië. In het begin had ik wat zware benen, maar toch probeerde ik mee vooraan te koersen. Dit bleek een goede keuze, want na een 20 tal kilometers bleven we door de strakke wind nog maar met 30 renners over. Na 50 km volgden 9 ronden van 9 km met hierin telkens twee beklimmingen. Op de eerste van die beklimmingen reden 8 renners weg en op de volgende beklimming kon ik de sprong maken met een andere renner in het wiel. Zo kwamen we met 10 voorop en dit bleek de goede onstsnapping. Op 2,5 ronden van het einde brak de finale open. Freddy Bichot ging een eerste maal aan de haal op de klim. Toen alles opnieuw samen liep ging ik zelf door. Enkel de Franse kampioen, Bichot, kwam nog terug en zo kwamen we met nog 25 km te gaan met twee op kop. We namen snel 1min30 voorsprong en dus zat de winnaar vooraan. Na de laatste ronde volgden nog 5 vlakke km richting aankomst met de wind op kop. We bleven samen en spurtten om de zege. Hierin werd ik tweede...
Zaterdag, zondag en maandag stonden dan drie ééndagswedstrijde in het centrum van Frankrijk op het programma. Op zaterdag een wedstrijd tellende voor de Coupe de France. Die werd zeer snel verreden door de rugwind. 23 renners raakten al snel voorop en lange tijd leken zij voor de overwinning de strijden. Op 15 km van het einde werden ze echter terug gegrepen. In de laatste ronde waagde ik nog mijn kans, maar door de strakke wind op kop raakte niemand weg en zo eindigde de wedstrijd met een spurt van een 80 tal renners waarin ik me niet mengde.
Zondag ging ik opnieuw van start met 205 collega's. Een waanzinning snel eerste uur, enkele hellingen en een heus onweer zorgden ervoor dat het hele veld snel uiteen lag. Ik nam geen risico's en bevond me hierdoor ergens ver in de achtergrond. Toch voelde ik me goed en na een 60 tal kilometer maakte ik gebruik van een 3 tal hellingen om van peloton 4 naar 1 (een 40 tal renners) te rijden. Deze inspanning trok ik onmiddellijk door en zo kwam ik alleen in de achtervolging te zitten op 2 renners die blijkbaar voorop waren. Even verder kwamen een 6 tal renners terug, maar het kwam nooit tot een goede samenwerking. Na 15 km kwamen in twee schuifjes nog wat renners terug. Ik voelde me echter goed en ging opnieuw in de aanval. Door de wind op kop en het grote overwicht van een profploeg die een een renner vooraan had was het echter moeilijk om weg te komen. Toch bleef ik gaan. Met de plaatselijke ronden in zicht hadden de leiders 1min30 voorsprong, maar bij mij was het beste er ondertussen af. Een hongerklop en de vele inspanningen zorgden ervoor dat ik me nu tot volgen moest beperken. Uiteindelijk veranderde er weinig, de twee bleven voorop. In de laatste ronde moest ik helemaal leeg nog afhaken en eindigde ik uiteindelijk rond de 35e plaats.
Maandag ging ik niet meer van start en nam ik een dag herstel.
Van zaterdag tot maandag ben ik aan de slag in Bretagne voor de Kreizh Breizh Elites. Hopelijk is de conditie er nog altijd zodat ik een mooi resultaat kan behalen.
Gr Klaas
Het was even stil op de blog, ik bracht dan ook een tijdje door in Frankrijk waar ik een hele reeks wedstrijden afwerkte.
Het begon met de Tour de la Dordogne, een 4 daagse rittenkoers die zich afspeelde in en rond de stad Périgeux. Het parcours van deze wedstrijd werd gekenmerkt door smalle wegen, veelal in slechte staat, de warmte en een golvend traject, geen cols, maar ook geen meter vlak.
160 renners aan de start en de smalle wegen zorgden ervoor dat de eerste dagen zeer nerveus waren. De valpartijen waren dan ook niet op één hand te tellen, gelukkig bleef ik gespaard...
Op dag 1 voelde ik me in het begin niet echt super, ik was wel attent toen een interessante kopgroep onstond van een 15 tal renners. Dit zag er even heel goed uit, we liepen tot 20s uit, maar na 10 km kwam alles opnieuw samen. Het duurde uiteindelijk tot km 80 voor de wedstrijd echt open brak. Op het lastigste stuk van het parcours voelde ik me beter en kon ik mee de forcing voeren, hierdoor brak het peloton in meerdere stukken en zo kwam ik samen met een 50 tal renners op kop. Ik voelde me vrij goed en na 90km trok ik met 6 renners in de aanval. Het zag er goed uit, maar toch kregen we geen vrijgeleide. Op het moment dat we ingelopen werden gingen in 2 schuifjes 10 renners weg waarin de sterkste blokken present waren. Zij namen snel tot 1min30 voorsprong en hielden stand tot op de streep. Ik eindigde uiteindelijk in het eerste peloton op een 50 tal seconden van de leiders.
Op de tweede dag stond een tijdrit van 10 km op het programma. Het parcours was golvend, maar toch vrij snel. Hoewel ik een goed ritme te pakken had merkte ik toch dat de macht in de benen wat ontbrak, ik eindigde uiteindelijk op een weinig zeggende 35e plaats.
Op de derde dag werd er van bij de start snel gereden. Ik voelde me helemaal niet goed en moest echt aanklampen om bij het peloton te blijven. Toen er een massale valpartij was in een afdaling met gravée werd de koers geneutraliseerd. Bij de herstart was er opnieuw een massale valpartij en naast mijn slechte benen had ik hierdoor ook de moraal helemaal verloren. Naarmate de wedstrijd vorderde begon ik me toch goed te voelen. En eens op het plaatselijk parcours (3x15km) dat heel lastig was met een beklimming van een 3 tal kilometer had ik plots super benen. Alleen waren er toen al 17 renners voorop met 1min40s voorsprong. Ik begon dan maar te rijden en nam telkens de beklimming voor mijn rekening. Met de meter voelde ik me beter en het leek wel of ik telkens sneller en sneller reed. Op 5 km van het einde kwam ik terug vooraan aansluiten. Slechts dertig renners volgden me nog en zo eindigde de wedstrijd op een spurt met 45 renners. Hierin werd ik 26e. In het klassement stond ik 19e.
Nadat ik rit 3 met goede benen beeindigde hoopte ik om de lijn in rit 4 door te trekken. Al snel trokken 10 renners in de aanval die tot 6 minuten voorsprong namen. Op het lastige deel van het parcours voelde ik me heel goed, af en toe kwam er afscheiding, maar de ploeg van de leider hield de wedstrijd helemaal op slot. Uiteindelijk trokken we met een peloton van een 80 tal renners met 1min30 achterstand op de leiders naar de plaatselijke ronden. Hierin ging ik de de eerste 2 ronden in de aanval, maar dit bleek te vroeg. In ronde drie konden 10 renners zich dan toch nog losmaken en konden in de laatste ronde de leiders nog vervoegen. In de laatste ronde kon ik ook nog wegkomen en naar een 21e plaats in de rit rijden. In het klassement bleef ik 19e, hoewel ik meer verdiend had.
Donderdag, 14 juli, ging ik dan van start in de Tour du Pays de Roumois, een ééndagskoers in Normandië. In het begin had ik wat zware benen, maar toch probeerde ik mee vooraan te koersen. Dit bleek een goede keuze, want na een 20 tal kilometers bleven we door de strakke wind nog maar met 30 renners over. Na 50 km volgden 9 ronden van 9 km met hierin telkens twee beklimmingen. Op de eerste van die beklimmingen reden 8 renners weg en op de volgende beklimming kon ik de sprong maken met een andere renner in het wiel. Zo kwamen we met 10 voorop en dit bleek de goede onstsnapping. Op 2,5 ronden van het einde brak de finale open. Freddy Bichot ging een eerste maal aan de haal op de klim. Toen alles opnieuw samen liep ging ik zelf door. Enkel de Franse kampioen, Bichot, kwam nog terug en zo kwamen we met nog 25 km te gaan met twee op kop. We namen snel 1min30 voorsprong en dus zat de winnaar vooraan. Na de laatste ronde volgden nog 5 vlakke km richting aankomst met de wind op kop. We bleven samen en spurtten om de zege. Hierin werd ik tweede...
Zaterdag, zondag en maandag stonden dan drie ééndagswedstrijde in het centrum van Frankrijk op het programma. Op zaterdag een wedstrijd tellende voor de Coupe de France. Die werd zeer snel verreden door de rugwind. 23 renners raakten al snel voorop en lange tijd leken zij voor de overwinning de strijden. Op 15 km van het einde werden ze echter terug gegrepen. In de laatste ronde waagde ik nog mijn kans, maar door de strakke wind op kop raakte niemand weg en zo eindigde de wedstrijd met een spurt van een 80 tal renners waarin ik me niet mengde.
Zondag ging ik opnieuw van start met 205 collega's. Een waanzinning snel eerste uur, enkele hellingen en een heus onweer zorgden ervoor dat het hele veld snel uiteen lag. Ik nam geen risico's en bevond me hierdoor ergens ver in de achtergrond. Toch voelde ik me goed en na een 60 tal kilometer maakte ik gebruik van een 3 tal hellingen om van peloton 4 naar 1 (een 40 tal renners) te rijden. Deze inspanning trok ik onmiddellijk door en zo kwam ik alleen in de achtervolging te zitten op 2 renners die blijkbaar voorop waren. Even verder kwamen een 6 tal renners terug, maar het kwam nooit tot een goede samenwerking. Na 15 km kwamen in twee schuifjes nog wat renners terug. Ik voelde me echter goed en ging opnieuw in de aanval. Door de wind op kop en het grote overwicht van een profploeg die een een renner vooraan had was het echter moeilijk om weg te komen. Toch bleef ik gaan. Met de plaatselijke ronden in zicht hadden de leiders 1min30 voorsprong, maar bij mij was het beste er ondertussen af. Een hongerklop en de vele inspanningen zorgden ervoor dat ik me nu tot volgen moest beperken. Uiteindelijk veranderde er weinig, de twee bleven voorop. In de laatste ronde moest ik helemaal leeg nog afhaken en eindigde ik uiteindelijk rond de 35e plaats.
Maandag ging ik niet meer van start en nam ik een dag herstel.
Van zaterdag tot maandag ben ik aan de slag in Bretagne voor de Kreizh Breizh Elites. Hopelijk is de conditie er nog altijd zodat ik een mooi resultaat kan behalen.
Gr Klaas
maandag 4 juli 2011
Paris - Chauny
Hallo
Na een weekend zonder koers speldde ik gisteren opnieuw een rugnummer op. Ik was een klein beetje onzeker. Zou de vorm nog goed zijn?
Vanuit Margny-les-Compiègne moesten we eerst 122 km afleggen in lijn om daarna nog 3 plaatselijke ronden van 6,5 km af te werken in Chauny. De eerste 25 km verliepen ideaal om er opnieuw in te komen. Grote recht wegen in het bos, onmiddellijk werd er snel gereden, maar wegrijden was onmogelijk. Na 55 km kregen we de eerste van 4 hellingen te verwerken. Daar zou ik een eerste keer testen om te kijken hoe het met de benen gesteld was. Jammer genoeg gooide een lekke band 5 km voor de voet van de klim roet in het eten. Na een huzarenstukje kon ik één kilometer voor de voet terug aansluiten bij het peloton. Ik probeerde nog zoveel mogelijk plaatsen te winnen als mogelijk, ook op de klim won ik nog een pak plaatsen. De benen waren dus niet slecht, maar ik had ze liever op een andere manier getest...
Gelukkig had ik al deze inspanningen geleverd, want het peloton was na de klim fel gedecimeerd. Op de 2e helling na 65 km, schudde ik dan eens aan de boom. Het peloton spatte uitéén, maar omdat het niet echt steil was en rechtdoor was het moeilijk om voorop te blijven. Het peloton werd wel verder uitgedund tot een 50 tal renners. Na de inspanningen van de voorbije 20 km hield ik me even schuil in het peloton. In vershillende schuifjes kwamen op dat moment 20 renners aan de leiding, ik reageerde meerdere malen, maar kreeg geen vrijgeleide. Toen we na 80 km terugkwamen, muisden 5 renners uit de kopgroep er vanonder. Zij namen snel een 40 tal seconden voorsprong. Ik schoof regelmatig mee in de tegenreacties en op een stuk bergop na 90 km vormde zich een tegenaanval van 10 renners met mezelf. We naderden snel tot op 20s van de leiders, maar toen stokte het tempo bij ons zodat de leiders opnieuw 35s namen. Het peloton sparttelde nog even tegen, maar gooide daarna de handdoek en kwam uiteindelijk op 3 minuten binnen.
Op de laatste helling van de dag na 110 km voerde ik het tempo wat op zodat we bijna terug kwamen bij de leiders, maar blijkbaar waren mijn medevluchters van een ander gedacht waardoor we de plaatselijke ronden met 30s achterstand aansneden. Omdat het maar bleef duren viel ik zelf maar aan met nog 2 ronden te gaan. Deze aanval zorgde ervoor dat we 3 van de 4 leiders terug grepen. Eéntje was er vandoor gegaan en reed nog steeds 30s voor. De leider had nog 3 ploegmaats zitten in mijn groep waardoor het zowat onmogelijk was om nog iets te ondernemen op het vlakke circuit. Op 4 km van het einde deed ik samen met 3 andere renners nog een gooi naar de 2e plaats. En onder de rode driehoek ging ik nog alleen, maar jammer genoeg kwam alles terug samen op 600m van het einde. Door die inspanningen mankeerde ik wat jus voor de spurt voor de 2e plek en werd uiteindelijk (een beetje teleurgesteld) 13e. Ik had meer verdiend.
Enfin, de benen zijn nog redelijk. Nu goed recupereren en dan op naar de Tour de Dordogne. Misschien had ik deze koers nodig om er weer helemaal in te komen. Op papier lijkt de Dordogne wel niet echt lastig, maar ja, zoals steeds maken de renners de koers.
Gr Klaas
Na een weekend zonder koers speldde ik gisteren opnieuw een rugnummer op. Ik was een klein beetje onzeker. Zou de vorm nog goed zijn?
Vanuit Margny-les-Compiègne moesten we eerst 122 km afleggen in lijn om daarna nog 3 plaatselijke ronden van 6,5 km af te werken in Chauny. De eerste 25 km verliepen ideaal om er opnieuw in te komen. Grote recht wegen in het bos, onmiddellijk werd er snel gereden, maar wegrijden was onmogelijk. Na 55 km kregen we de eerste van 4 hellingen te verwerken. Daar zou ik een eerste keer testen om te kijken hoe het met de benen gesteld was. Jammer genoeg gooide een lekke band 5 km voor de voet van de klim roet in het eten. Na een huzarenstukje kon ik één kilometer voor de voet terug aansluiten bij het peloton. Ik probeerde nog zoveel mogelijk plaatsen te winnen als mogelijk, ook op de klim won ik nog een pak plaatsen. De benen waren dus niet slecht, maar ik had ze liever op een andere manier getest...
Gelukkig had ik al deze inspanningen geleverd, want het peloton was na de klim fel gedecimeerd. Op de 2e helling na 65 km, schudde ik dan eens aan de boom. Het peloton spatte uitéén, maar omdat het niet echt steil was en rechtdoor was het moeilijk om voorop te blijven. Het peloton werd wel verder uitgedund tot een 50 tal renners. Na de inspanningen van de voorbije 20 km hield ik me even schuil in het peloton. In vershillende schuifjes kwamen op dat moment 20 renners aan de leiding, ik reageerde meerdere malen, maar kreeg geen vrijgeleide. Toen we na 80 km terugkwamen, muisden 5 renners uit de kopgroep er vanonder. Zij namen snel een 40 tal seconden voorsprong. Ik schoof regelmatig mee in de tegenreacties en op een stuk bergop na 90 km vormde zich een tegenaanval van 10 renners met mezelf. We naderden snel tot op 20s van de leiders, maar toen stokte het tempo bij ons zodat de leiders opnieuw 35s namen. Het peloton sparttelde nog even tegen, maar gooide daarna de handdoek en kwam uiteindelijk op 3 minuten binnen.
Op de laatste helling van de dag na 110 km voerde ik het tempo wat op zodat we bijna terug kwamen bij de leiders, maar blijkbaar waren mijn medevluchters van een ander gedacht waardoor we de plaatselijke ronden met 30s achterstand aansneden. Omdat het maar bleef duren viel ik zelf maar aan met nog 2 ronden te gaan. Deze aanval zorgde ervoor dat we 3 van de 4 leiders terug grepen. Eéntje was er vandoor gegaan en reed nog steeds 30s voor. De leider had nog 3 ploegmaats zitten in mijn groep waardoor het zowat onmogelijk was om nog iets te ondernemen op het vlakke circuit. Op 4 km van het einde deed ik samen met 3 andere renners nog een gooi naar de 2e plaats. En onder de rode driehoek ging ik nog alleen, maar jammer genoeg kwam alles terug samen op 600m van het einde. Door die inspanningen mankeerde ik wat jus voor de spurt voor de 2e plek en werd uiteindelijk (een beetje teleurgesteld) 13e. Ik had meer verdiend.
Enfin, de benen zijn nog redelijk. Nu goed recupereren en dan op naar de Tour de Dordogne. Misschien had ik deze koers nodig om er weer helemaal in te komen. Op papier lijkt de Dordogne wel niet echt lastig, maar ja, zoals steeds maken de renners de koers.
Gr Klaas
Abonneren op:
Posts (Atom)